12 juli 2018

Sociaal domein / artikel

“Geef gemeenten op het sociaal domein rust en ruimte om hun verantwoordelijkheid te kunnen nemen!”

Oproep van wethouders sociaal domein tijdens leerbijeenkomst Village Deals

Wat doe je als wethouder met een 18-jarige die, volgens het UWV en het Voortgezet Speciaal Onderwijs (VSO) waar hij net vanaf komt, geen arbeidscapaciteit heeft maar wel wil werken, en wiens ouders ook geloven in zijn arbeidscapaciteit? Dat was op 8 juni de startvraag van een leerbijeenkomst van wethouders sociaal domein vanuit de Village Deals gemeenten, gefaciliteerd door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 

De casus was ingebracht door een van de deelnemers. Formeel is de gemeente niet verantwoordelijk voor het begeleiden van Wajongers naar werk, en vanuit het UWV gebeurt dit ook niet. Toch was de startvraag voor de wethouders niet moeilijke te beantwoorden: stuk voor stuk zouden zij gewoon in deze jongen investeren, omdat hij zelf en zijn ouders gemotiveerd zijn. En omdat participatie een hele belangrijke sleutel is tot gezondheid, sociale contacten, geluk en zelfredzaamheid.

Samenwerking op systeemniveau

Gemiddeld genomen is het volgens wethouders niet moeilijk om aan de raad uit te leggen dat participatie het welzijn bevordert en op langere termijn veel kosten bespaart. Ook vragen over maatwerk of willekeur vanuit de raad weten wethouders doorgaans prima te hanteren.

De echte vraag ligt volgens de wethouders niet in de keuze wel of niet te blijven investeren in deze jongen, maar op systeemniveau: in de samenwerking en verantwoordelijkheidsverdeling tussen gemeenten, het UWV en het Rijk. Dat gaat zelfs zo ver dat verschillende wethouders op voorhand proberen inwoners ‘weg te houden bij het UWV’, een op participatiebevordering gericht traject vanuit de gemeente vaak lastig blijkt te combineren met het UWV-regime in de praktijk. Vaak is er op uitvoerend niveau aan beide kanten wel de wil om een goede samenwerking mogelijk te maken, maar loopt dit vast in de hogere niveaus. Hierdoor blijven kansen liggen om mensen met een UWV-uitkering te helpen zich te ontwikkelen.

De wethouders vragen daarnaast vooral om rust en ruimte vanuit het Rijk: “Wij hebben nu deze verantwoordelijkheden gekregen. Laat ons het nu dan ook doen.” Nieuwe of veranderende regelgeving vanuit het Rijk, bijvoorbeeld ten aanzien van de loondispensatie, vergen veel aandacht die ten koste gaat van de focus op wat lokaal nodig is om deze mensen naar werk te helpen. De boodschap is dan ook: “Geef ons de rust en de ruimte om onze verantwoordelijkheden waar te maken!” 

Uniformering en ontwikkeling uitvoeringstoets

Een andere hartenkreet vanuit de bijeenkomst betrof de uitvoeringstoets bij nieuw beleid. De wethouders zijn unaniem over het belang van een goede uitvoeringstoets. Maar er valt nog veel te winnen in de manier waarop deze plaatsvindt.

In het gesprek bleek dat er veel overeenkomsten, maar ook verschillen zijn tussen hoe gemeenten dat in de praktijk doen. De meeste gemeenten werken nauw samen met het VSO om voor jongeren zoals de jongen in de casus al vroegtijdig (rond de 13, 14 jaar) een ontwikkelperspectief te bepalen. Dan kan in overleg, ook met de ouders, een doorlopende lijn worden gekozen. Verschillende wethouders gaven aan dat het VSO de jongeren ook nadat zij van school af zijn nog een aantal jaren blijft volgen. Dit levert waardevolle inzichten op. Een van de wethouders op de leerbijeenkomst gaf aan dat zijn gemeente vanuit de Wmo arbeidsmatige dagbesteding heeft ondergebracht bij de sociale werkvoorziening, ofwel het SW-bedrijf. Voor jongeren zoals in deze case biedt dat kans op een goede ontwikkeling naar een arbeidsparticipatiegerichte setting.

Ook het Rijk biedt ondersteuning en reikt instrumenten aan. Die zijn echter niet altijd bekend bij de gemeenten. Bijvoorbeeld de participatiecoach die via MEE kan worden ingezet is niet breed bekend. De deelnemers aan de leerbijeenkomst merkten op dat ook hier vaak nog te veel aanbodgestuurd in plaats van vraaggestuurd wordt gedacht. Een overleg zoals de leerbijeenkomst op 8 juni, over de vraagstukken in de praktijk, kan helpen om ondersteuning vanuit het Rijk meer vraaggericht in te zetten.

Leerbijeenkomst wordt vervolgd

Het verzoek van de deelnemende wethouders om op deze wijze in gesprek te blijven over de uitvoering met gemeenten, het Rijk en vertegenwoordigers van woningcorporaties, zorgverzekeraars en het UWV, wordt dan ook door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties opgepakt. Vanuit het Rijk waren vertegenwoordigers van de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Sociale Zaken en Werkgelegenheid aanwezig om de aandachtspunten vanuit de bijeenkomst mee te nemen en te bespreken binnen het eigen departement. Daarmee was deze leerbijeenkomst meer dan alleen een goed gesprek: het wordt vervolgd. De bijeenkomst werd begeleid door WagenaarHoes.