4 juli 2018

Toekomstbestendig bestuur / artikel

Wet gemeenschappelijke regelingen: raad krijgt meer ruimte voor controle en invloed

Als kersvers gemeenteraadslid ga je enthousiast aan de slag. Boeiend, die lokale politiek! Maar ook behoorlijk intensief. Je holt van raads- naar commissievergadering. Burgers, bedrijven en organisaties: allemaal willen ze iets van je. Je struint door wijken en buurten, spreekt op partijbijeenkomsten en bedient de lokale pers. En dan nog al die gemeenschappelijke regelingen, waaraan jouw gemeente deelneemt. Hoeveel zijn dat er eigenlijk? Hoe zitten ze in elkaar? Hoe controleer je wat daar gebeurt?

teamwork

Dat laatste is een hele klus, niet alleen voor beginnende, maar ook voor ervaren raadsleden. Daarom komt minister Ollongren van BZK nu in een brief aan de Tweede Kamer met voorstellen om de positie van de gemeenteraad in gemeenschappelijke regelingen verder te versterken en die regelingen effectiever te laten werken.

Samenwerking moeilijk te controleren

‘Raadsleden voelen zich buitenspel gezet door wethouders van samenwerkende gemeenten’ kopt de Volkskrant eind vorig jaar. Het bijbehorende artikel baseert zich op een landelijke enquête in opdracht van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden [zie ook: 1]. Daaruit blijkt dat meer dan de helft van de deelnemende raadsleden de gemeenschappelijke regelingen als een bedreiging ziet voor de lokale democratie. Een krappe meerderheid van de raadsleden vindt ook dat zij te weinig mogelijkheden hebben om de besluitvorming bij regionale samenwerking te beïnvloeden. En bijna een derde van de raadsleden zegt de kennis en expertise te missen om de uitvoering van gemeenschappelijke regelingen goed te kunnen controleren.

Aanpassing Wet gemeenschappelijke regelingen

‘Herkenbaar’ noemt minister Ollongren de uitkomsten van de enquête in antwoord op Kamervragen daarover van het Tweede Kamerlid Van Raak. Het kabinet had niet voor niets al in het regeerakkoord een aanpassing aangekondigd van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), ‘om de politieke verantwoording over gemeentelijke samenwerking te verbeteren’.  De minister voegt daar in haar antwoorden op de Kamervragen aan toe dat een wetswijziging niet het enige middel is om dat doel te bereiken. ‘Het gaat ook om kennis en toerusting’, zegt zij.

Meer mogelijkheden

Die verschillende elementen – een wetswijziging en versterking van kennis en toerusting – komen terug in de brief die de minister nu aan de Tweede Kamer stuurt. Wat wil zij veranderen? Gemeenteraden krijgen in de Wgr meer mogelijkheden om controle en invloed uit te oefenen. Zo worden de regels voor de samenstelling van het bestuur van een openbaar lichaam versoepeld. Daarnaast krijgt de wet een bepaling dat je bij het maken van een gemeenschappelijke regeling afspraken moet maken over de mogelijkheid inspraak te geven. Ook moet je afspraken maken over periodieke evaluatie van de regeling en over de besluiten die eerst een zienswijze van de gemeenteraad vergen. In de huidige wet is die zienswijze verplicht bij het opstellen van een begroting. In het algemeen zal de gewijzigde wet meer dan nu doelen stellen zonder precies voor te schrijven hoe je die moet bereiken. Gemeenteraden krijgen daarbij meer mogelijkheden voor een eigen invulling.

Obstakels wegnemen

Zoals minister Ollongren al zei: een wetswijziging alleen is niet genoeg om te zorgen dat gemeenschappelijke regelingen transparanter, democratischer en beter werken. Daar is ook een effectievere werkwijze voor nodig. Daarom gaat het ministerie van BZK najaar 2018 met tien gemeenschappelijke regelingen in gesprek om te vragen tegen welke obstakels deelnemers aanlopen en te kijken hoe die weggenomen kunnen worden. Het ministerie kan suggesties van bijvoorbeeld raadsleden, wethouders en directeuren van uitvoeringsorganisaties dan onder andere gebruiken in de voorbereiding van het wetsvoorstel voor wijziging van de Wgr.

Beter ondersteunen en toerusten

En dan is er nog het gevoel van raadsleden en gemeenteambtenaren dat zij te weinig kennis en expertise hebben om greep te houden op gemeenschappelijke regelingen. Om te zorgen dat zij gemakkelijker kennis kunnen opdoen over hun eigen rol bij regionale samenwerkingsvormen, gaat het ministerie van BZK door met het ondersteunen en toerusten van raadsleden en griffiers via het Actieprogramma versterking democratie en bestuur. Het afgelopen jaar is een digitale leeromgeving voor raadsleden ontwikkeld. Daarop staat een e-learning-module over regionale samenwerking. Ook is daar de handreiking ‘grip op regionale samenwerking’ beschikbaar. In 2018 gaat het ministerie het bestaande aanbod verder ontwikkelen. Met passende digitale content en een vervolgaanbod op de workshops ‘grip op regionale samenwerking voor gemeenteraden’.  Daarnaast krijgen griffiers extra begeleiding om gemeenteraadsleden beter te kunnen ondersteunen bij regionale samenwerking.

Er kan meer dan je denkt

Wat kun je als raadslid zelf doen om meer zicht te krijgen op gemeenschappelijke regelingen? De wetswijziging is natuurlijk niet een-twee-drie doorgevoerd. Maar je kunt wél al je stem laten horen als jouw regeling meedoet aan de gespreksronde in het najaar van 2018. Bovendien loont het de moeite je goed te verdiepen in de huidige Wgr. Ook die biedt gemeenteraden al mogelijkheden om waar nodig in te grijpen bij besluitvorming in gemeenschappelijke regelingen, meer dan bij privaatrechtelijke samenwerking. De links onderaan dit artikel bieden daarbij nuttige informatie. Er kan meer dan je denkt!

Controle en effectiviteit

Uiteindelijk vergt elke gemeenschappelijke regeling de kunst van het balanceren tussen enerzijds stevige democratische controle en anderzijds effectieve samenwerking. De Wgr biedt daar – nu en straks –  een kader en instrumenten voor. Niet meer en niet minder. Want de wet is zo sterk als degenen die hem uitvoeren.

Meer weten? Lees ook:

[1] Bron: het Landelijk Raadsledenonderzoek over grip en controle op regionale samenwerking, gemeenschappelijke taken en herindeling van Raadslid.nu.