30 juli 2018

Toekomstbestendig bestuur /

De gemeente in 2050: democratie als manier voor goede conflicten

Democratie, participatie, communities en interactief beleid: de samenleving heeft steeds vaker een duidelijk hoorbare stem. Maar wat is democratisch, en wat niet? En hoe ga je samen met de gemeenschap aan de slag? Die vraag is het werkterrein van Marije van den Berg. We stelden haar 3 vragen over de toekomst van gemeentelijk bestuur.

Ooit raadslid in Leiden en de eerste politicus met een blog, nu gaat adviseur, onderzoeker en trainer Marije van den Berg vaak aan de slag met de democratische kwaliteit in de gemeentelijke organisaties en gemeenteraden. “Gemeenteraden verversen zich elke vier jaar, en dan zou je verwachten dat dit elke keer een evolutiestapje is. Toch is het vaak een kwestie van opstarten, bekijken hoe het precies werkt, en aan het einde van de periode weer overdragen aan de nieuwe raad. De tijd die je hebt om werkelijk iets te doen, is best kort.”

De gemeenteraad verandert dus niet zozeer, maar is wél een nuttig instituut. “Er zijn statische systemen nodig die stabiliteit geven. Je hoeft niet bang te zijn dat de gemeenteraad ontploft. De vraag is alleen: wat doe je met dit stevige instituut? Hoe sluit het aan op de ambtelijke organisaties, die wel zijn geprofessionaliseerd op het vlak van o.a. communicatie en participatie?”

Hoe ziet de gemeente er in 2050 uit? Wat zijn de uitdagingen van de gemeenteraad?

“Ik hoop dat raadsleden op zoek gaan om hun rol als volksvertegenwoordiger verder te ontwikkelen. Dat is echt nodig, maar ook taai om duurzaam te maken. Veel raden willen graag aan de voorkant worden betrokken, maar komen daar meestal pas halverwege het proces mee. Ook is participatie heel versnipperd. Ik zou zeggen: prioriteer de dossiers waar je extra participatie in wil stoppen: op welke opgaven willen we ons richten? Wat is de rol van de gemeenteraad hierin? Denk aan kaders stellen, perspectief bieden, maar ook in de controle. En versterk je impact door bewoners te betrekken vanaf het begin van het proces.”

“Praat vaker en opener met iedereen die een belang heeft bij die geprioriteerde gebieden. In mijn ervaring zijn mensen nieuwsgierig en ontzettend bereid hun expertise in te zetten. Het is de taak van de gemeente om alle belangen boven tafel te krijgen. Daarvoor moet je ook op zoek naar de stem die je niet direct hoort of die stil blijft. Juist die! Lukt het je die mensen zelf hun verhaal te laten vertellen: doe dat dan. Zijn belangen moeilijk te vinden of worden ze niet uitgesproken? Pak daar dan je rol! Denk bijvoorbeeld aan de komende generatie: je hebt als gemeenteraad de kans om daar een stem aan te geven. Zo laat je zien dat alle belangen op een zorgvuldige manier en transparant bij elkaar komen. De vorm is heel essentieel: wanneer gaat het over verantwoording, wanneer om een goed gesprek met de benen op tafel? Wie zit er aan die tafel en wanneer voelen we ons (als bestuur) gelegitimeerd om een besluit te nemen?”

Bestaan er in 2050 nog wel politieke partijen?

“Ik denk het wel, het is juist mooi als mensen hun ideaal in de praktijk vorm proberen te geven. Wel denk ik dat het averechts werkt wanneer politieke partijen en fracties elkaar gaan bevechten. Wat wel werkt, is als ze een belang in de samenleving bespreekbaar maken. Wat je nu ziet gebeuren, is de opkomst van lokale partijen, dieren- en ouderenpartijen, en dat is een heel andere stijl: pragmatischer en minder bestuurlijk. Blijkbaar is dit een geluid wat is gemist. Het mooie aan het Nederlandse systeem is dat het een enorme dynamiek heeft met al die verschillende partijen. Het bestel is pluriform, en de gemeentelijke organisatie werkt voor de hele raad én de oppositie. Je ziet dan ook steeds meer raden werken met raadsakkoorden. Daarin stel je dan samen die prioriteiten waar ik het eerder over had, en kun je proberen iedereen in de gemeente recht te doen.”

“De kunst is nu om te laten zien wat je doet met die diversiteit aan belangen, en hoe je dat terugziet in besluiten. Wat waren de argumenten voor en tegen? Een unaniem besluit is niet interessant: het is niet realistisch om te denken dat iedereen blij kan zijn met het besluit. Maar hoe ‘bak’ je iets wat zo goed mogelijk recht doet aan al die belangen én waar iedereen mee kan leven. Verschil mag er zijn, sterker nog: dat moet je vooral verkennen.”

Wat vraagt dat van ambtenaren? Hoe ziet hun rol eruit?

“Ambtenaren zijn loyale, harde werkers met hart voor de samenleving. Veel zaken in de gemeente zijn al in de uitvoering: denk aan het sociaal domein, nu ook de leefomgeving. Als ambtenaar kun je haarfijn aanvoelen waar ‘gemorrel’ komt. Het is aan de bestuurders om dit te vertalen naar algemeen belang of zuivere politiek. Als dat lukt, heb je legitimiteit als gemeentebestuur. Je mag als bestuurder best iets willen, maar realiseer je dan wel dat je een stap richting de gemeenschap moet maken om legitimiteit te behalen. Dat is meer dan draagvlak! Daar ligt bij uitstek een mooie rol voor ambtenaren, als een soort scouts voor al die belangen. Daar is wel vertrouwen vanuit bestuurders voor nodig, zodat de ambtenaar ook hen kan opzoeken die het er niet mee eens zijn. En andersom moet de ambtenaar vragen vanuit de raad of wethouders altijd kunnen beantwoorden, om die controlerende rol goed te kunnen uitvoeren.”

“Als ambtenaar organiseer je dus het gesprek tussen verschillende belangen. Een voorbeeld: er moest in Groningen bezuinigd worden op de budgetten voor wijkgroepen. Elke wijkgroep kreeg evenveel subsidie, arm of rijk. Toen zijn alle wijkraden bij elkaar gezet en presenteerde men elkaar wat ze met het geld hadden gedaan en wat er nog nodig was. De wijken die het minst welvarend waren, begonnen. Eenmaal aangekomen bij de welvarende wijken, werden er gelijk concessies gedaan: zij konden wel iets missen en zelf geld inleggen voor de extra geraniums in de straat. Er werd eerlijk gedeeld vanuit de eigen motivatie, maar die mensen moeten wél bij elkaar worden gezet.”

“Daar ligt een rol voor de gemeente en de ambtenaar. Maak ter plekke kortsluiting, ofwel: stage the conflict. Wees daar niet bang voor. Ik gun alle ambtenaren een rugzak met competenties en vertrouwen om die momenten te maken. Zo verkleinen ze de kans dat één dwarsliggend belang een rood kruis door beleid of plannen kan zetten.”

Wat vind jij?

Wil je reageren op het interview of zelf een column schrijven over de gemeente/provincie/waterschap van de toekomst? Mail ons op gemeentenvandetoekomst@minbzk.nl!